Hoofdpagina
Wijn maken
Wijn drinken
Druiven
Reizen
Boeken
Forum
Zoeken
Meewerken

bNamed.fr:
Franse domeinnaam registraties (.fr)


Nieuw:

Boeken
-
Gistingsbeheerder


bNamed  
E-mail
Mail
Print
Print
Katharen uit de vergeethoek

Het Zuid-Franse departement van de Aude profileert zich steeds sterker als "Pays Cathare". Sinds het verschijnen van Montaillou van de Franse historicus Le Roy Ladurie hebben de Katharen steeds meer aan populariteit gewonnen. Ze krijgen meer aandacht in de literatuur en onder de titel Projet Quéribus werd er een grote Internet-site uitgebouwd rond het Katharisme. In Canada bestaat er een kerkelijke beweging die zich Kathaars noemt en ook de stripwereld zag de voorbije jaren diverse Kathaarse titels verschijnen. Dat gaat van meer historisch verantwoorde reeksen als Vasco (nr. 7: De duivel en de kathaar; nr. 8: De weg van Montségur tot Suske en Wiske (nr. 235: De krakende Carcas). Een sterk staaltje voor een beweging die ooit met wortel en tak uitgeroeid werd.

Van wat er nu nog te zien is in het Franse Zuid-Westen, kunnen hooguit enkele grondvesten als Kathaars bestempeld worden. De belangrijkste monumentale bezienswaardigheden zijn opgetrokken door de overwinnaars uit Noord-Frankrijk, die hun eigen gothische stijl meebrachten. De kathedralen van Albi en Carcassonne horen daarbij, net als de meeste Katharenburchten. Die werden immers zwaar versterkt door de Franse koningen, omdat ze de grens met het sterker wordende Aragon moesten bewaken. Pas in 1659, toen de Frans-Spaanse grens met het Verdrag van de Pyreneeën ongeveer 50 km in zuidelijke richting opschoof, verloren die vestingen hun militaire betekenis. Toch behielden de namen Montségur, Quéribus, Aguilar, Puivert, Puilaurens en Peyrepertuse hun Kathaarse reputatie. In de loop der eeuwen vervaagde het verschil tussen de Katharen en hun vervolgers. Jarbinet tekent in "De as van de Katharen" al een gothische kathedraal in het door kruisvaarders belegerde Carcassonne.

Zuiveren
De Katharen (van het Grieks katharos = zuiver) of Albigenzen vormden een religieuze beweging, die zich vanaf het midden van de twaalfde eeuw over heel West-Europa verspreidde, maar vooral in het cultureel hoog ontwikkelde Zuid-Frankrijk en Noord-Italië bloeide. De Katharen kleefden een strikt dualisme aan. Al wat niet het werk van god was, moest wel het werk van de duivel zijn. De stoffelijke wereld beschouwden ze als slecht, het werk van de duivel. Vanuit die visie veroordeelden ze huwelijk en seks. Ze verwierpen de bestaande sacramenten, omdat daarin teveel verwees naar de stoffelijke wereld en hielden het bij één eigen, geestelijk sacrament. Alleen de "perfecti", degenen die de hoogste staat van zuiverheid bereikt hadden, ontvingen het. De gewone Katharen waren de "credentes", de gelovigen. Hun levensopvatting was erg ascetisch, met de nadruk op armoede. Die levenswijze werd later overgenomen door hun geduchte tegenstanders, de bedelorden.
De aanvankelijke bekeringspogingen van de katholieke kerk kenden weinig succes. Toen in het graafschap Toulouse een pauselijke gezant vermoord werd, riep Innocentius III op tot een kruistocht. In het graafschap sympathiseerden de meeste wereldlijke heren met de Katharen. Zonder hun eigenlijke leenheer, de Franse koning, daarin te kennen, zegde de paus de Kathaarse lenen toe aan de kruisvaarders die ze zouden veroveren. Die beloning maakte de kruistocht wel erg aantrekkelijk voor vechtersbazen van alle slag. Van godsdienstige inzichten was al gauw weinig sprake meer. Toen bij de verovering van Béziers (1209) gevraagd werd op welke manier de Katharen van de niet-Kathaarse bevolking konden gescheiden worden, zou Arnaud Amaury, als pauselijk afgevaardigde de geestelijke aanvoerder van de kruisvaarders, gezegd hebben: "Sla ze allemaal dood. God zal de zijnen wel herkennen." Na de val van Carcassonne trokken de Katharen zich terug in afgelegen bergvestingen, maar voor de kruisvaarders minder te rapen viel. De kruistocht duurde nog ongeveer twintig jaar. Na de val van Peyrepertuse (1240), die van Montségur, in 1244, en die van Quéribus en Puilaurens, elf jaar later, was de Katharenbeweging haar grootste slagkracht kwijt. Toch vonden er nog tot in de volgende eeuw vervolgingen plaats, vooral dan door de inquisitie. Dat er nog lang sprake was van een latent Katharisme, had weinig te maken met de afgelegen vestingen. Veel belangrijker was het feit dat de twee grootste en rijkste steden uit de streek, Toulouse en vooral Albi, in stilte bleven sympathiseren met de ketters (het woord ketter is afgeleid van Kathaar). In een grote stad is het risico om ontdekt te worden groter, maar het is er ook gemakkelijker om je boodschap te verspreiden. Bovendien hielden de twee steden zoveel mogelijk de militaire en andere autoriteiten van de hogere overheden buiten hun muren. Simon de Montfort, de belangrijkste aanvoerder van de kruisvaarders, werd in 1218 gedood bij een mislukte poging om Toulouse in te nemen.
In het politieke steekspel tussen de paus, de graven van Toulouse, de burggraven van Carcassonne en de koningen van Aragon zijn de Franse koningen uiteindelijk als grote winnaars naar voor gekomen. Een deel van het graafschap Toulouse kwam meteen onder de Franse kroon en Lodewijk IX (de Heilige) regelde het huwelijk van zijn broer met de dochter van de laatste graaf. Dat huwelijk bleef kinderloos, zodat het hele graafschap aan de kroon terugviel.

Middeleeuwen
De meeste Katharenburchten lagen in de Aude. Een groot deel van de inspanningen vanwege de toeristische diensten is geconcentreerd rond die burchten en rond de stad Carcassonne. De dubbel omwalde stad werd al in de negentiende eeuw grondig gerestaureerd door Viollet-le-Duc en is nog altijd de derde toeristische site van Frankrijk, na Mont-Saint-Michel en Rocamadour. Net als de meeste versterkingswerken rond de burchten dateert de tweede muur van Carcassonne uit de post-Kathaarse periode. Dat is ook het geval voor de meeste versterkingen meer noordelijk. Want naast Aragon moesten de Franse koningen hun nieuwe bezittingen ook verdedigen tegen de Engelsen, die vanuit de streek van Bordeaux opereerden.
Krijg je van de Katharen nergens veel te zien, met de late middeleeuwen is wel een uitgebreide kennismaking mogelijk. De vesting van Villerouge-Termenês is minutieus gerestaureerd. Je kan er een middeleeuwse ontvangst bestellen. Zowel de kleding als de muziek, de meubels en de gerechten zijn historisch verantwoord en gaan terug tot het begin van de veertiende eeuw. In het aanbod zitten ook het optreden van een hofnar en het "gevecht met de beer". Het wijnstadje Limoux pakt uit met een Katharama, een inleiding met dia's en muziek over het Katharisme. Van de bijbehorende klankband bestaat er een Nederlandse versie, de verhalen zijn duidelijk en informatief. Maar de echte kennismaking met het Pays Cathare gebeurt niet in een filmzaal.

Bastions
Het toerisme is van groot belang voor de streek. Want de afwezigheid van industrie en industriële banen leidde na de Tweede Wereldoorlog tot een groot bevolkingsverlies. Bovendien werden de producenten van de mindere wijnsoorten met EU-subsidies aangemoedigd om hun wijnstokken te rooien. Aan de meeste burchten is of wordt duchtig gerestaureerd. Omdat het militaire bastions waren, zijn er alleen maar kale, stenen muren van overgebleven. De beklimmingen lonen wel de moeite, al was het maar omwille van de prachtige landschappen. Voor de wandelaars is er een Katharenroute uitgestippeld langs 12 historische plaatsen. Te voet kost die route je wel 12 dagen. Architecturaal lijken de burchten sterk op elkaar, maar de omlijsting verschilt. Quéribus en Montségur liggen op een eenzame, kale rots, maar Puilaurens bereik je door een verzorgd bos, met diverse botanische informatieborden. De laatste beklimming naar Quéribus toe biedt weinig variatie, maar in Puilaurens kom je via een soort rotstrap met chicanes. Onderaan de helling is een degelijk bezoekerscentrum uitgebouwd. Wie moeilijk te been is, zal genoegen moeten nemen met het Katharama. Geen gehandicaptenliften, maar bestaat er gelukkig bestaan er andere mogelijkheden. Zo organiseert de Aéro-Club vanuit Carcassonne rondvluchten over die stad, de openluchtmijnen van het Montagne Noire (waar ondermeer naar goud gezocht wordt), het meer van Cavayêre en vooral de vier rotskastelen van Lastours. In zo'n sportvliegtuigje kunnen telkens drie passagiers plaatsnemen. Wie ook Quéribus, Montségur en Co vanuit de lucht wil betaalt wat meer en krijgt ook die zuidelijke burchten erbij.

Koen Mortelmans

Verwijzingen :
Zie ook...
Aude - Reizen - Hoofdpagina
  Webontwerp door bIM